Bluetooth verbindingen
De stappen voor het verbinden van de bedieningseenheid met een ander apparaat via Bluetooth® draadloze technologie of Bluetooth Long-Range Robotic (BLR) technologie worden hieronder beschreven.
NB – Om het apparaat in Trimble Access te gebruiken, moet u met het apparaat koppelen via het tabblad Bluetooth van het scherm Verbindingen in Trimble Access. Als u een BLR-apparaat koppelt via het Bluetooth-scherm van het besturingssysteem van de bedieningseenheid, kan de Trimble Access software geen verbinding maken met het apparaat.
Apparaten waarmee u kunt verbinden
Zolang het apparaat Bluetooth ondersteunt, kunt u de bedieningseenheid verbinden met een:
- Trimble GNSS-ontvanger
- Trimble conventioneel instrument
- Spectra Geospatial FOCUS 50 total station
- Trimble Actief doel
- TDL2.4 Radio Bridge/EDB10 Data Bridge
- extra GPS ontvanger
- laser rangefinder
- echolood
- Radiozoeker
- externe radio
U kunt de bedieningseenheid ook met een mobiele telefoon of extern modem verbinden en vervolgens het verbonden apparaat gebruiken om met het Internet te verbinden. Om dergelijke verbindingen tot stand te brengen, zie Internet verbinding instellen.
Bluetooth op het apparaat inschakelen
Om de bedieningseenheid zo in te stellen dat hij het apparaat vindt wanneer hij naar nabije Bluetooth apparaten zoekt, moet u zorgen dat Bluetooth ingeschakeld is op het apparaat en dat hij zichtbaar voor andere apparaten is. Voor meer informatie raadpleegt u de documentatie die bij het apparaat is meegeleverd.
TIP – U kunt alleen koppelen met een Bluetooth apparaat als het gevonden kan worden (zichtbaar voor Bluetooth zoekopdrachten). Trimble apparaten met oudere firmware versies zijn meestal zichtbaar, tenzij er al een Bluetooth verbinding actief is. Trimble apparaten met recentere firmwareversies kunnen maar gedurende een beperkte tijd (3 tot 15 minuten) gevonden worden nadat het apparaat is opgestart.
Wanneer u een Trimble actief doel gebruikt, is Bluetooth altijd geactiveerd als het actieve doel ingeschakeld is.
Wanneer u een TDL2.4 Radio Bridge gebruikt, houdt u de Radio knop 2 seconden ingedrukt om hem zichtbaar te maken. Het blauwe en rode lampje gaan knipperen, wat aangeeft dat de radio klaar is om mee te koppelen. Wanneer u de Radio knop langer dan 10 seconden ingedrukt houdt, worden alle opgeslagen Bluetooth koppelingen uit de TDL2.4 verwijderd. U zult dan nieuwe Bluetooth koppelingen tussen de TDL2.4 en uw bedieningseenhe(i)d(en) moeten aanmaken.
Bluetooth op de bedieningseenheid inschakelen
- Als op de bedieningseenheid Windows draait:
- Veeg vanaf rechts naar binnen om het Windows Actiecentrum te openen.
- Als het vak Bluetooth verbindingen grijs is, tikt u erop om Bluetooth in te schakelen. Het vak wordt blauw.
- Als op de bedieningseenheid Android draait:
- Veeg omlaag vanaf het meldingen gebied boven aan het scherm.
- Indien nodig tikt u op het symbool om het instellingengebied uit te vouwen en veegt u naar rechts om pagina 2 te zien.
- Als het Bluetooth symbool grijs is, tikt u erop om Bluetooth in te schakelen.
Koppelen en verbinden met een Bluetooth apparaat
NB – Als het apparaat een BLR-apparaat is, zijn de stappen om te verbinden iets anders. Om te koppelen met een BLR-apparaat, zie de volgende sectie Bluetooth verbindingen.
TIP – Als u een bedieningseenheid met een andere bedieningseenheid verbindt, voert u deze stappen op één bedieningseenheid uit.
-
Tik op
en selecteer Instellingen / Verbindingen. Selecteer het tabblad Bluetooth.
Het tabblad Bluetooth toont een lijst van apparaat typen. Voor elke optie kunt u selecteren in de lijst van gekoppelde Bluetooth apparaten. Als er geen gekoppelde apparaten zijn, opent de software het scherm Bluetooth zoeken.
TIP – De Trimble DA2 ontvanger is alleen beschikbaar in de lijst Met GNSS rover verbinden. Deze kan niet als GNSS basis worden gebruikt.
-
Tik op Zoeken. Het scherm Bluetooth zoeken toont een lijst van Beschikbare apparaten en Gekoppelde apparaten.
NB – Een apparaat kan niet op een scan reageren als de Bluetooth radio al in gebruik is. U moet de bestaande Bluetooth verbinding op het apparaat verbreken en het zoeken (scannen) opnieuw starten. Om het zoeken te herstarten, tikt u op Wis. De lijst Beschikbare apparaten wordt gewist en het zoeken start automatisch opnieuw.
- Selecteer het apparaat waarmee u wilt verbinden. Tik op Koppelen.
- Als het besturingssysteem van uw apparaat een pop-up venster Koppelen met weergeeft, bevestigt u de koppeling.
-
Als de bedieningseenheid nog niet met het apparaat gekoppeld is, wordt u mogelijk gevraagd de PIN-code in te voeren. Mogelijk moet u dezelfde PIN-code ook op het apparaat invoeren.
De standaard PIN voor een:
- Trimble GNSS-ontvanger is 0000, hoewel deze veranderd kan zijn in de web interface van de ontvanger die is gebruikt om de ontvanger instellingen te configureren.
- Trimble S Series total station is de laatste 4 cijfers van het serienummer van het instrument.
- Trimble C3 of C5 total station is 0503.
- Spectra Geospatial FOCUS 50 total station is de laatste 4 cijfers van het serienummer van het instrument.
- Trimble LaserAce 1000 of MDL LaserAce laser rangefinder is 1234.
- Ohmex SonarMite echolood is 1111.
- Radiodetectie RD8100 zoeker is 1234.
Houd er rekening mee dat voor veel apparaten, waaronder Spectra Geospatial ontvangers, standaard geen PIN nodig is.
Voor PIN-codes voor andere apparaten raadpleegt u de documentatie die bij het apparaat is meegeleverd.
TIP – Het pop-up dialoogvenster Koppelen met wordt door het besturingssysteem weergegeven. Als er extra instellingen zoals het keuzevakje PIN bevat letters of symbolen of het keuzevakje Toegang tot uw contacten en oproephistorie toestaan verschijnen, kunt u die vakjes uitgeschakeld laten.
-
Tik op OK.
-
De Trimble Access software geeft een pop-up dialoogvenster voor het zojuist gekoppelde apparaat weer. In de lijst met apparaat typen selecteert u hoe u het Bluetooth apparaat wilt gebruiken. Druk op Accept.
TIP – Als u met een mobiel modem gekoppeld hebt, wordt de bedieningseenheid nu als gekoppeld apparaat op het mobiele modem weergegeven.
- Op het Bluetooth tabblad tikt u op Accept.
Verbinden met een al gekoppeld apparaat
- Tik op
en selecteer Instellingen / Verbindingen. Selecteer het tabblad Bluetooth.
-
Selecteer het apparaat waarmee u wilt verbinden in het desbetreffende apparaat type veld en tik daarna op Accept.
Als Auto-verbinden ingeschakeld is, maakt de Trimble Access software binnen enkele seconden verbinding met het apparaat. Anders start u een meting om met het apparaat te verbinden.
NB – Om de TDL2.4/EDB10 met een Trimble VX Spatial Station of Trimble S Series total station te verbinden, moet u de TDL2.4/EDB10 configureren om dezelfde radio instellingen als het instrument te gebruiken.
- Druk op Accept.
TIP – De bedieningseenheid maakt automatisch verbinding met het geselecteerde apparaat wanneer u beide apparaten de volgende keer aan zet.
NB – Wanneer u met een Trimble GNSS-ontvanger probeert te verbinden en de software Bluetooth fout 10051 weergeeft, is de GNSS firmware op de ontvanger ge-update en zijn de instellingen op de standaard instellingen teruggezet. U moet de koppeling met het apparaat verbreken en daarna opnieuw met het apparaat koppelen.
Wat u kunt proberen als u niet met een apparaat kunt koppelen
Als het niet lukt om met een apparaat te koppelen, probeer dan het volgende:
- Probeer te koppelen in een omgeving met weinig signaalstoring. Het kan moeilijk zijn om een apparaat te vinden en ermee te koppelen in een omgeving met een groot aantal Bluetooth apparaten of waar USB3 randapparatuur in de buurt wordt gebruikt.
-
Controleer of er geen andere bedieningseenheden verbonden zijn met het Bluetooth apparaat waarmee u probeert te verbinden. Veel apparaten staan maar één verbinding tegelijk toe.
-
Schakel het Bluetooth apparaat uit en opnieuw in.
-
Probeer zo snel mogelijk verbinding te maken met het Bluetooth apparaat zodra het apparaat is opgestart, aangezien sommige apparaten de Bluetooth koppeling enige tijd na het opstarten uitschakelen.
-
Start de bedieningseenheid opnieuw op.
-
Als u de bedieningseenheid eerder aan het Bluetooth apparaat hebt gekoppeld, verwijder dan de koppeling en koppel opnieuw.
-
Controleer of de bedieningseenheid een recente versie van het besturingssysteem heeft en een recente versie van Trimble Access.
-
Controleer of het Bluetooth-apparaat een recente firmware versie heeft.
-
Als u in de Trimble Access software geen koppeling met het apparaat kunt maken, probeer dan te koppelen via het besturingssysteem van de bedieningseenheid.
Gekoppelde apparaten uit de lijst verwijderen
- Tik op
en selecteer Instellingen / Verbindingen. Selecteer het tabblad Bluetooth.
-
Om de koppeling met een apparaat te verbreken, tikt u op het Bluetooth tabblad op Zoeken om het scherm Bluetooth zoeken te openen.
-
Selecteer in de lijst Gekoppelde apparaten het gekoppelde apparaat en tik vervolgens op Verwijderen.