Een station op een schuine offset van een alignement uitzetten

TIP – Als u de stations die beschikbaar zijn voor uitzetten wilt aanpassen, tikt u op naast het veld Station om het scherm Selecteer station weer te geven. Zie Stations beschikbaar voor uitzetten.

  1. In het veld Uitzetten selecteert u Schuine offset.
  2. Tik op naast het veld Station en selecteer het station of voer een nominale stationwaarde in.

  3. Tik op Schuine offset en voer de waarden voor schuinte en offset in.

    Zoals in onderstaande afbeelding weergegeven, is het uit te zetten punt (1) gedefinieerd vanaf het station (3) door een offset (5) langs de schuinte (2). De schuinte kan worden gedefinieerd door een voor- of achterwaartse delta hoek t.o.v. een lijn (6) haaks op het alignement dat wordt uitgezet (4), of de schuinte kan worden gedefinieerd door een azimut. De onderstaande afbeelding toont een punt gedefinieerd door schuinte naar voren en offset naar rechts.

  4. De hoogte van het punt kan worden gedefinieerd door:
    • Helling van alignement – de hoogte wordt berekend m.b.v. een helling vanaf de hoogte van het alignement op het ingevoerde station.
    • Delta van alignement – de hoogte wordt berekend m.b.v. een delta vanaf de hoogte van het alignement lijn op het ingevoerde station.
    • Toets in – de hoogte wordt ingetoetst.

    Als het alignement alleen een horizontaal alignement heeft, moet de hoogte voor het punt worden ingetoetst.

  5. Als er constructie offsets nodig zijn, houdt u op de kaart ingedrukt en selecteert u Definieer constructie offsets. Voer waarden in het veld Constructie offsets in. Zie Constructie offsets.

    NB – Als de berekende positie vóór het begin of voorbij het einde van het alignement ligt, kan het punt niet worden uitgezet.

  6. Druk op Start.
  7. Navigeer naar het punt.

    De hoogte van uw huidige positie, de ontwerphoogte van de geselecteerde positie en de schuine offset en delta informatie worden weergegeven.

    TIP – Wanneer de uitzetmethode Station op alignement of Schuine offset is, kunt u de hoogte wijzigen. Hiervoor drukt u op de spatiebalk, of tik op en voer de nieuwe hoogtewaarde in. De oorspronkelijke ontwerphoogte wordt automatisch hersteld zodra u het ontwerp of het gedeelte van het ontwerp dat wordt uitgezet wijzigt, of zodra u uitzetten verlaat. Als u de oorspronkelijke elevatie wilt herstellen tijdens het uitzetten nadat u deze hebt gewijzigd, drukt u op de Spatiebalk, of tikt u op en daarna op naast het veld Ontwerp hoogte en selecteert u Oorspr. elevatie opnieuw laden.

    NB – Bij uitzetten van een station met een schuine offset is de dwarsprofiel weergave niet beschikbaar.

  8. Wanneer het punt binnen tolerantie is, tikt u op Meten om het punt te meten.

    Wanneer u een Trimble SX12 scanner total station in TRK-modus gebruikt met de laser aanwijzer ingeschakeld, toont het scherm Uitzetten de softkey Punt markeren in plaats van de softkey Meten . Tik op Punt markeren om het instrument in de STD modus te zetten. De laser aanwijzer stopt met knipperen en beweegt om zichzelf op de EDM-locatie te positioneren. Wanneer u op Accept. tikt om het punt op te slaan, keert het instrument automatisch terug naar de TRK modus en gaat de laser aanwijzer weer knipperen. Als u de uitzetdelta's opnieuw wilt meten en bijwerken, tikt u op Meten nadat u hebt getikt op Punt markeren en voordat u op Accept. tikt. Zie EDM instellingen voor meer informatie.

  9. Tik op Accept. om het punt op te slaan.
  10. Als u de optie Bekijken vóór opslaan hebt geselecteerd en uw uitzet delta's buiten de ingestelde horizontale tolerantie vallen, dan toont het scherm Bevestigde uitzet delta's het Formaat uitzetdelta's dat u hebt geselecteerd in de Uitzetten opties. Druk op Opsl.
  11. Ga door met punten op het alignement meten. Om het vorige station te selecteren, tikt u op de softkey Sta-. Om het volgende station te selecteren, tikt u op de softkey Sta+.

    TIP – U kunt ook op naast het veld Station tikken om het scherm Station selecteren te openen en vervolgens in het veld Auto verhogen Sta- of Sta+ selecteren, om de selectie van het vorige of volgende station te automatiseren.